Ik ben Richard, bonuspapa van Femke sinds vierënhalf jaar.
Ik leerde haar kennen als een vrolijke, vlotte meid die nog zoekende was. In die zoektocht hadden we vaak openhartige gesprekken, en ik was dankbaar dat ze mij daarin vertrouwde. Maar na verloop van tijd merkte ik dat die gesprekken steeds minder werden. Je werd kortaf, en wanneer ik vroeg hoe het met je ging, had je altijd wel een excuus. Ik zag ook dat je je steeds meer afzonderde: thuiskomen en meteen naar boven gaan, of meteen naar buiten om te roken. Je leek geen tijd meer te hebben voor ons.
Anderhalf jaar geleden was je op een feest in Best met je zus. Laat op de avond werd er aangebeld. Toen ik de deur opende, stond er een vreemde jongen die zei dat hij jou bij zich had. Je sprong uit de auto, viel huilend in mijn armen, en hij vertelde dat je erg veel gedronken had en de weg kwijt was. Dit raakte me diep, omdat ik dat totaal niet van je gewend was.
Niet lang daarna kwam het moment dat je in het kanaal sprong na een ruzie bij vrienden. We deden alles om je te helpen, maar je wilde niets van ons aannemen — geen advies, geen steun.
En toen kwam de dag uit de hel. Je vertrok, zei dat je even een stukje ging rijden. Mama en ik maakten ons niet meteen zorgen, dat deed je wel vaker. Maar deze keer voelde het anders. Ik had een vreemd onderbuikgevoel. Een tijd later zag ik op mijn telefoon dat er een ongeluk was gebeurd op de snelweg. Toen ik het bericht opende, zag ik jouw auto in de berm, met een andere auto op z’n kop ernaast. We probeerden je te bellen, maar je nam niet op. Later hoorden we dat je dat niet wilde — de politie had je opgepakt. Dronken achter het stuur.
Had ik je moeten tegenhouden? Meer met je moeten praten? Nog meer voor je moeten zijn dan ik al probeerde? Je zag ons niet meer, zag mij niet meer. Ik was bang dat je niet meer wilde… dat je dacht dat niemand last meer van je zou hebben als je er niet meer was. Deze gedachte heeft me nog wekenlang achtervolgd.
Maar toen kwam er hoop: je opname in de kliniek. Je eerste echte stap naar herstel.
De behandeling was zwaar, ook voor ons, tijdens de vele oudergesprekken die we volgden. Maar je vocht. En toen je uit de kliniek mocht en naar een safe house ging, leek het de goede richting op te gaan. Toch voelde je je daar niet thuis en je vertrok. Je durfde niet naar huis te komen en belandde uiteindelijk bij een daklozenopvang in Eindhoven. Daar begon je langzaam weer op te krabbelen. Het contact verbeterde, je ging naar meetings en je liet ons trots je behaalde penningen zien.
Afgelopen maand kreeg je via de opvang een eigen appartement. Een enorme stap richting een zelfstandig leven — hopelijk vrij van verslaving. Je bent goed op weg, Femke, en ik ben ongelooflijk trots op hoe ver je al bent gekomen. Ga zo door, en weet dat ik er altijd voor je zal zijn.
Wat ik graag wil meegeven aan anderen die iemand met een verslaving in hun leven hebben: blijf praten. Blijf steunen, hoe moeilijk het soms ook is. Uiteindelijk willen mensen die worstelen met verslaving vooral gehoord worden — en behandeld worden als mens.
Richard
Lieve Richard,
Toen ik jouw verhaal las, kreeg ik tranen in mijn ogen. Het raakte me op een manier die ik moeilijk kan omschrijven. Ik wist dat mijn verslaving veel impact had gehad op mezelf en op mama, maar ik had nooit echt beseft hoeveel het ook met jou heeft gedaan. Het doet pijn om te lezen dat iemand die mij eigenlijk pas een paar jaar kende, zo diep geraakt kon worden door mijn gedrag, mijn keuzes en mijn strijd.
En toch… ondanks alles, ondanks het feit dat ik niet altijd wilde luisteren, niet altijd openstond voor hulp, en soms alles en iedereen van me af duwde — bleef jij er. Jij stond klaar, ook op de momenten dat ik zelf niet wist wat ik voelde, wat ik wilde of waar ik naartoe ging.
Ik ben oprecht blij dat ik in sommige momenten wél naar je toe durfde te komen. Dat er momenten waren waarin ik je advies aannam, waarin ik kon praten, waarin ik me veilig voelde om eerlijk te zijn. Misschien waren het er te weinig, misschien niet zo vaak als jij verdiende, maar die momenten betekenden veel voor mij.
Jij was er niet alleen als bonuspapa, maar als iemand die zag dat ik aan het verdwalen was, en die me toch bleef zien terwijl ik mezelf kwijtraakte. Dat jij pijn hebt gevoeld door wat er met mij gebeurde, voelt zwaar — maar het laat me ook zien hoeveel je om me geeft.
Dank je wel dat je nooit hebt opgegeven, ondanks dat ik het zelf wel bijna wilde doen. Dank je wel dat je er was, zelfs toen ik het niet toeliet. Dank je wel dat je me ziet zoals ik ben, en niet alleen zoals ik was in mijn diepste dalen. En vooral: dank je wel dat je trots op me bent. Dat geeft me kracht om door te blijven gaan, voor mezelf — maar ook voor de mensen die in mij geloven.
Ik ben dankbaar dat jij in mijn leven bent gekomen, en ik hoop dat je blijft zien dat ik elke dag mijn best doe om verder te groeien.
Liefs,
Femke 💚